
- gebed.jpg (7.87 KiB) 655 keer bekeken
29 maart 2009Bij dit document hoort mondeling commentaar. Het dient nu nog slechts als geheugensteun voor de toehoorders.
Grootste gedeelte is afkomstig van Michael Dallens boek, The Rainbow Covenant.Leviticus 24:15-16:
Wie zijn G-d vervloekt, zal de gevolgen van zijn zonde dragen. Wie de naam van de Eeuwige lastert moet ter dood gebracht worden, die moet door de voltallige gemeenschap worden gestenigd [van grote hoogte laten vallen op een steen]
. Of het nu een vreemdeling is of een geboren Jisraëliet, wie mijn naam lastert moet ter dood gebracht worden.In de tekst staat
isj isj (man man) om te benadrukken dat dit ook voor Noachieten geldt. (Voor Noachieten geldt echter een humanere doodstraf: onthoofding. Zie Talmoed Sanhedrin 56a.)
Deze misdaad is zo onbeschrijfelijk slecht dat in de Talmoed telkens het eufemistische antoniem 'zegenen' (
birkat) wordt gebruikt. Het is veelzeggend dat G-d ons de mogelijkheid geeft zijn naam te verachten waar anderen bij zijn. Onze vrije wil is hem veel waard.
Omdat G-d per definitie volmaakt is, kunnen wij niets aan hem toevoegen of van hem wegnemen. Het verbod op blasfemie is er dus niet ter bescherming van G-d. Blasfemie beschadigt jezelf en anderen.
Een Jood is des doods schuldig als hij wenst dat een van de heilige namen schade toebrengt aan
de Naam (J, H, V en H of
Ado-nai). Uit voorzichtigheid vervangen wij deze naam, die alleen door de hogepriester eenmaal per jaar uitgesproken mocht worden, met
Eeuwige,
Hasjem of
Ado-nai. De heilige namen zijn (omdat ze anders niet uitgewist mogen worden, geschreven met een koppelteken): J-H-V-H of
Ado-nai,
E-l,
E-lohiem,
E-loha,
Sja-dai,
Tziva-ot,
Ehe-jeh en
J-ah.
Noachieten zijn des doods schuldig als ze een willekeurige godsnaam gebruiken in welke taal dan ook (Maimonides, Wetten der Koningen 9:3). Dit is een uitzondering op de algemene regel dat de joodse wet strenger is dan de noachitische (Talmoed Sanhedrin 56a). De reden is waarschijnlijk dat een Noachiet met een willekeurige godsnaam dezelfde intentie heeft als een Jood die een heilige, Hebreeuwse naam gebruikt.
De heilige Naam kon volgens Tosaf Sotah 38a alleen door de hogepriester uitgesproken worden als er een indicatie was dat de
Sjechinah op de tempel rustte. Na de dood van hogepriester Sjimon de Rechtvaardige in de derde eeuw v.d.g.j. waren deze tekenen verdwenen en durfden zijn opvolgers de Naam niet langer te noemen. Omdat nu niemand meer weet hoe de Naam uitgesproken moet worden, kan de doodstraf voor blasfemie niet opgelegd worden. (Volgens Zacharia 14:9 zal deze kennis wel weer hersteld worden.)
We richten ons daarom nu minder op het legale en meer op het morele aspect van dit gebod.
Blasfemie in brede zin is elk woord en elke daad waardoor G-d in onze eigen ogen of in de ogen van anderen in aanzien daalt.
Hoe meer iemand met G-d geassocieerd wordt, hoe groter zijn blasfemie kan zijn. Voor Joden is elke overtreding een vorm van blasfemie.
Leviticus 22:31-32:
Houd je aan mijn voorschriften en leef ze na. Ik ben de Eeuwige. Doen jullie dat niet, dan ontwijden jullie mijn heilige naam.Ezechiël 36:20,23:
Bij de volken waar ze kwamen werd mijn heilige naam ontwijd doordat men van hen zei: “Dit is nu het volk van de Eeuwige, uit zijn land is het verbannen.” [...] Ik zal mijn grote naam, die door jullie bij die volken is ontwijd, weer aanzien verschaffen.Maar omdat iedereen in G-ds beeld gemaakt is, wordt elk mens met G-d geassocieerd en kan elk mens door zijn slechte daden G-ds reputatie beschadigen.
Mensen die zichzelf noachiet noemen, hebben door hun associatie met Joden een grotere potentie tot blasfemie.
Talmoed Megila 13a:
Iedereen die afgoderij afzweert, wordt een Judeeër genoemd.Kortom, blasfemie heeft alles te maken met G-ds reputatie.
Waarom zou een mens G-d willen vervloeken? Denk bijvoorbeeld aan het verhaal van Job. Hij werd zwaar op de proef gesteld om te testen of hij zijn Maker zou vervloeken. G-d willen vervloeken is een gevolg van ontevredenheid met je eigen lot. Dit wordt veroorzaakt door ons onvermogen om in te zien dat alles wat ons overkomt, pure goedheid is. Joden danken G-d voor zowel het goede als het 'slechte'. Als er bijvoorbeeld iemand overlijdt, zeggen ze: 'Gezegend zij de ware Rechter.'
Wij kunnen G-ds naam, zijn reputatie, verhogen en verlagen met onze woorden en ons gedrag. We gaan nu kijken op welke manieren dat allemaal kan.
Opzettelijk zondigenNumeri 15:30:
Maar wanneer iemand willens en wetens iets misdoet, of het nu een geboren Jisraëliet is of een vreemdeling, spot hij met de Eeuwige.Afgoden bespottenAfgodendieners associëren hun goden met de enige G-d. Zij weten gewoon niet beter en volgen de tradities van ouders. Hun afgoderij voorziet in de morele samenhang van hun samenleving. Voor hen staat hun afgod symbool voor alles wat goed is. Daarom kan kwaadspreken over een afgod of andere religie gemakkelijk een vorm van openbare blasfemie zijn.
Exodus 22:13:
Laat hun naam [van afgoden]
niet over je lippen komen.Het dienen van afgoden is voor Joden zowel immoreel als stupide. Joodse profeten maakten
in de ogen van de Joden deze afgoden achterlijk om zo afgoderij minder aantrekkelijk te maken. Joodse profeten hebben echter nooit afgoden
in de ogen van niet-Joden (die buiten het land van Israël woonden) geridiculiseerd, omdat afgoderij voor hen niet dezelfde immorele lading heeft. Zie bijvoorbeeld Amos 1:3-2. Jona ageerde niet tegen de theologie van Ninevé maar tegen haar immorele praktijken.
Maleachi 1:11:
Mijn naam staat bij alle volken in aanzien.RoddelKwaadspreken over mensen is blasfemisch omdat mensen goddelijkheid bevatten. Vasthouden aan een negatief zelfbeeld is godslaterlijk. Je kunt je eigenwaarde onmogelijk overschatten.
Gebruik van de NaamEen geschreven naam van G-d zou met respect behandeld moeten worden. Joden mogen de acht heilige namen van G-d niet uitwissen.
G-ds naam mag niet zonder goede reden genoemd worden. Doe je dat per ongeluk wel, voeg er dan direct een zegen aan toe.
G-ds naam mag niet in een valse of nutteloze eed gebruikt worden. Je mag bijvoorbeeld niet in zijn naam zweren dat een steen een plant is, dat gras groen is of dat je morgen terugbetaalt als dat niet zo is. Doe je dit wel, dan verkondig je dat G-d zich niet bemoeit met menselijke zaken of dat hij niet bestaat.
WaarheidWaarheid bestaat en kan door mensen gevonden worden. Dat is een centraal idee in het jodendom. De wereld is gefundeerd op waarheid, rechtvaardigheid en vrede (Spreuken der Vaderen 1:18).
Exodus 23:7:
Houd je verre van een leugenachtige zaak.Jeremia 10:9-10:
Een werk der wijzen zijn zij [afgoden]
al te zamen. Maar de Eeuwige God is de Waarheid.Blasfemie vervomt ons beeld van G-d. En dat is zeer kwalijk, want alles waar de mens in zijn leven naar streeft is gebaseerd op zijn idee van de onderliggende werkelijkheid van al het bestaan. Ons begrip van het Ultieme vormt het centrum van ons persoonlijke, interne universum. Beweren dat een valse religie of levensbeschouwing waar is, is daarom een vorm van blasfemie.
Een voorbeeld hiervan is beweren dat er twee koninkrijken zijn: die van G-d en die van Satan. Dit doet afbreuk aan G-ds almacht. Alleen hij bestuurt het universum. Alles op aarde is een direct gevolg van zijn wil.
Nogmaals, we richten ons nu niet op de legale maar op de morele aspecten van blasfemie. Een Noachiet hoeft dus niet bestraft te worden als hij een valse religie voor waar verkondigt (tenzij hij bijzonder succesvol is) maar het is wel een grote tragedie als mensen hun levens op onwaarheden baseren. Vergelijk het bijvoorbeeld met een expert in het aderlaten die aan het einde van zijn leven ontdekt dat aderlaten juist niet gezond is. Hij beseft dan dat hij zijn hele leven mensen onnodig heeft gepijnigd en zelfs verwond zonder enig positief resultaat. Goede mensen kunnen slechte daden doen door gebrek aan waarheid.
G-d afschilderen als afstandelijk, ongeïnteresseerd of onrechtvaardig is blasfemisch. Dat geldt ook voor de bewering dat mensen geen vrije wil hebben.
GedragIemand die zich noachiet noemt maar zichzelf
in de ogen van anderen slecht gedraagt, beschadigt G-ds reputatie, en dat is blasfemisch.
Talmoed Kidisjoen 40a:
Het is beter in het geheim te zondigen dan G-ds reputatie publiekelijk te beschadigen.Ezechiël 20:39:
Loop maar achter je afgoden aan, ga daar rustig mee door als jullie niet naar mij willen luisteren, maar mijn heilige naam zullen jullie niet langer met je offers en afgoden ontwijden.Als je door je goede gedrag anderen inspireert om van G-d te houden en hem te volgen, verhoog je zijn naam.
Jesaja 5:16:
De Eeuwige van de hemelse machten wordt verhoogd door tsedaka [liefdadigheid]
.Iemand die zich in het openbaar vroom voordoet maar dat in zijn privéleven niet is, zal uiteindelijk G-ds naam beschamen. Hyprocrieten moeten ontmaskerd worden om dit reputatieverlies te voorkomen (Talmoed Joma 86b). Uiteraard op een liefdevolle manier.
Mensen die een sterke associatie met G-d hebben verdienen onze eerbied. Daarom is het vernederen van een Jood extra problematisch.
Talmoed Sanhedrin 58b:
Wie een Jood slaat is als iemand die de Sjechina [goddelijke aanwezigheid]
beledigd heeft.Jeremia 2:3:
Jisraëel is aan de Eeuwige gewijd, het is de eerste vrucht van zijn oogst. Wie het verslindt, laadt schuld op zich, hij wordt door onheil getroffen.Gen 27:29:
Vervloekt wie jou vervloekt, gezegend wie jou zegent.Onze levensopdracht is ons met G-d te verbinden. Dit doen we door mensen op te zoeken die in onze beleving dichter bij G-d staan dan wijzelf.
Deuteronomium 28:10:
Alle andere volken zullen opmerken dat u de Eeuwige toebehoort, en ze zullen hoog tegen u opzien.Zacharia 8:23:
Als die tijd is gekomen, zullen tien mannen uit volken met verschillende talen een Joodse man bij de slip van zijn mantel grijpen met de woorden: ‘Wij willen ons bij u aansluiten, want we hebben gehoord dat God bij u is.’Derech EretzGoed gedrag. Onder andere beleefdheid, nederigheid en vriendelijkheid. Etiquette en aanpassing aan plaatselijke gebruiken is belangrijk.
Misjna, Spreuken der Vaderen 3:10:
In wie mensen behagen vinden, in hem vindt G-d behagen.Derech eretz is zo belangrijk dat het de Thora in extreme gevallen kan overrulen. Dit is gebaseerd op het principe dat er zonder
derech eretz geen Thora is (Midrasj Leviticus Rabbah 9:3; Misjna Spreuken der Vaderen 3:17).
StudieDieren handelen naar hun instinct. Het intellect van de mens overstijgt dit instinct. Het stelt hem in staat morele keuzes te maken, gebaseerd op studie. Zonder studie zinkt de mens tot beneden het morele niveau van de dieren.
Misjna, Spreuken der Vaderen 3:6:
Een leeghoofd kan geen zonde vrezen en een ongeleerd persoon kan niet heilig zijn.Morech Nevoechiem 3:36:
Zonder wijsheid kan er geen goede daad of ware kennis zijn.Talmoed Migilah 26b:
Studie is belangrijker dan actie als het leidt tot actie.Wie G-d respecteert, bestudeert zijn wil. Omdat rabbijnen experts zijn op dit gebied, verdienen zij in het bijzonder ons respect.
Exodus 22:27:
Je mag God niet lasteren en je mag de leiders van je volk niet vervloeken.GebedNoachieten hebben de morele verplichting om te bidden.
Talmoed Jevamoth 64a:
De Heilige, geprezen zij Hij, verlangt naar de gebeden van de heiligen.Bidden verhoogt zijn naam, al is het alleen maar in je eigen ogen. Een gebed in gedachten telt niet als gebed. Je moet het hardop zeggen zodat je jezelf kunt horen.
Bidden mag niet waar het vies is of waar mensen naakt zijn. Dus niet op het toilet of in een vieze lucht. Maar ook niet in een bordeel of een plek van afgoderij. Omdat Sjalom ook een godsnaam is (Rechters 6:24) mag je dit woord niet gebruiken in bijvoorbeeld een sauna.
Lees de Bijbel, of een ander boek met G-ds naam erin, niet op het toilet of in bad. Dat is vernederend.
RituelenNoachieten mogen geen eigen religieuze feestdagen, rituelen of geboden invoeren. Vreemde elementen mogen niet geïmporteerd worden in het noachisme (Maimonides, Wetten der koningen 9:2; 10:9).
Deuteronomium 16:21-22:
U mag naast het altaar dat u voor de Eeuwige, uw God, gaat bouwen geen Asjerapaal of wat voor gewijde paal ook plaatsen, en ook geen gewijde steen, want de Eeuwige heeft daarvan een afschuw.Wanneer men een menselijke religie vermengt met een goddelijke, zal het goddelijke element uiteindelijk ondergeschikt worden aan het menselijke.
Leviticus 10:1-2:
Aärons zonen Nadab en Abihu deden gloeiende kolen in hun vuurbak en legden er reukwerk op. Maar het was verkeerd vuur dat ze de Eeuwige wilden aanbieden, vuur dat niet voldeed aan de voorschriften van de Eeuwige. Een felle vlam kwam uit het heiligdom en verteerde hen, zodat ze daar, in de nabijheid van de Eeuwige, stierven.Het gouden kalf is nog zo'n voorbeeld van misplaatste creativiteit. (Het kalf moest dienen ter vervanging van Mozes, niet ter vervanging van G-d.)
Noachieten zouden met gepaste nederigheid de Thora moeten benaderen. Ze moeten haar niet willen aanpassen of uitbreiden met eigen rituelen en feestdagen.
Talmoed Joma 4b:
Benader de Thora met vreugde, maar ook met beven.Genetische manipulatieCastratie en creatie van nieuwe soorten verstoren de scheppingsorde en beledigen G-ds werk.