
Spelling.
Vertaling van mitswot benee Noach.
Zonen van Jakob waren voor Sinai ook zonen van Noach: Choelien 100b en de verklaringen van Rasji op Avoda Zara 51a.
Gen. 6:9: "Dit is de geschiedenis van Noach en zijn nakomelingen. Noach was een rechtschapen man." Rechtvaardigheid is zijn nakomelingschap.
Gen. 6:9: "Onberispelijk was hij onder zijn tijdgenoten." Twee mogelijke interpretaties:
1. Onberispelijk was hij, ondanks zijn tijdgenoten. Hoeveel rechtvaardiger zou hij dan wel niet zijn geweest met betere tijdgenoten.
2. Onberispelijk was hij, in vergelijking tot zijn tijdgenoten. In de tijd van Abraham zou hij niet opvallen.
"Wij zouden het voorlopig zo kunnen formuleren: een noachide is dus een niet-jood die niet alleen rechtvaardig leeft maar die ook een oriëntatie in zijn leven heeft gevonden. Een noachide is iemand die de Thora en de traditie tot uitgangspunt en richtlijn voor zijn leven heeft genomen. De rechtvaardige levenswijze wordt ondersteund door studie van de Thora en de joodse traditie. De Thora en – sinds haar ontstaan – de joodse traditie vormen dus de levensoriëntatie van de noachide."
Een noachiet was in het oude Israël een geer tosjav, een 'inwonende vreemdeling', een allochtoon of nieuwe Israëliet. De noachitische regels golden als voorwaarden om in Israël te mogen wonen. Later gold de term ben Noach ook voor niet-joden buiten Israël.
Ben Noach: noachiet in ruime zin
Geer tosjav: noachide in strikte zin
Geer tsedek: proseliet, volledig joods
Drie categorieën niet-joden:
1. De ovdee avoda zara: afgodendienaars
2. De benee Noach: noachiet
3. De geree tosjav: noachieten die de noachitische geboden officieel hebben geaccepteerd, voor een beet din
Een noachiet mag niet:
a. Sjabbat op de joodse wijze
b. Feestdagen op de joodse wijze
c. Thora studeren, behalve onder bepaalde voorwaarden
d. Thora schrijven of opgeroepen worden
e. Gebedsriemen maken of dragen
f. Mezoeza bevestigen
Sjitoef is voor noachieten geen avoda zara.
Bronnen:
- Misjna, maar niet expliciet
- Tosefta, maar zonder zevende gebod
- Talmoed Sanhedrien 56ab
- Handelingen 15:20 (kardinale of hoofdzonden)
- Boek der Jubileeën (-100) 7:20-21
- Damascusgeschrift?
- Midrasj Beresjiet Rabba 34:8 en Sifra, Lev. 18:4
- Talmoed Joma 67b (natuurrecht)
6 aan Adam (Beresjiet Rabba 16:6; 24:5), 7e aan Noach (Beresjiet Rabba 16:6; 24:5), 8e aan Abraham (besnijdenis), 9e aan Jakob (lendespier), 613e aan Israël.
10 aan Israël in Mara (Ex. 15:25) waarvan 7 noachidische (+sociale wetten, sjabbat en ouders eren). Waarom zijn besnijdenis en lendespier niet genoemd? Omdat de geboden van voor Sinai die herhaald zijn op Sinai, voor joden en niet-joden gelden (Sanhedrien 59ab).
Hoofdgroepen, onder te verdelen in subregels [maar dat zijn geen specifieke mitswot!]. 39 werkzaamheden op sjabbat zijn avot melachot, waaronder meerdere toledot melachot vallen. Op dezelfde wijze zouden wellicht de noachitische geboden als avot mitswot gezien kunnen worden waaronder meerdere toledot mitswot vallen. Choelien 92ab noemt 30 noachidische geboden.
Bijbelplaatsen van de 7.
Afgoderij: ordening van leven
Diefstal: militaire verovering, economisch onrecht en OT annexeren.
Bloedvergieten: publiekelijk voor gek zetten
Deel van levend dier: ook diens bloed
De 7 regelen menselijke verhoudingen op gebied van:
1. cultus (avoda zara, birkat Hasjeem)
2. rechtsorde (diniem, gezel, sjefichoet damiem)
3. zeden (giloej arajot)
4. humaniteit (ever min hachai)
Jodendom: bijzonder en algemeen.
Regels voor of van noachieten?
Natuurwet (Joma 67b).
Noachitische regels uitgewerkt door relatie van joden met niet-joden: de niet-joodse status is belangrijk om te weten voor een jood.
Leviticus 18:5: “En je zult mijn wetten en rechtsregels bewaren; de mens [adam] die ze doet zal daardoor leven!” (Sanhedrien 59a).
"Het leerhuis zoals zich dit in Nederland heeft ontwikkeld en met name het in het begin genoemde tweede type heeft de mogelijkheid in zich het middel- en kiempunt van het leven van hedendaagse zonen van Noach te worden."
Bemoeilijkt door uiteenlopende opvattingen:
1. Niet van noachitische regels willen spreken. Proseliet is de enige optie.
2. Niet geïnteresseerd in noachieten omdat men bezig is met de eigen, joodse gemeenshap.
3. Eigen status toe willen kennen aan naochieten.
Aimé Pallière (1875-1949) en Elijah Benamozegh.
"Voor een noachide is de studie van de Thora, de schriftelijke en de mondelinge, een levensnoodzaak. Maimonides vond dat de Thora ook aan niet-joden (christenen) moest worden uitgelegd."
---------------------------------------------------
Extraatje van http://www.dovidgottlieb.com/rabbi_gottlieb_tapes.html, Genesis part 7, 8:
Voortbrengingen
Gen. 6:9: "Dit is de geschiedenis van Noach en zijn nakomelingen [toledot, lett. 'voortbrengingen']."
Gen. 2:4: "Dit zijn de geboorten ['voortbrengingen'] des hemels en der aarde, als zij geschapen werden."
Wat volgt? "Noach was een rechtschapen man. . . Hij had drie zonen: . . ."
Conclusie? Antwoord: Noachs rechtvaardigheid was zijn primaire 'voortbrenging', zijn kinderen zijn secundaire. Je geestelijke prestaties zijn dus belangrijkere voortbrenging dan je kinderen (deze zijn niet per se tegenstrijdig).
Gen. 6:9: "Dit is de geschiedenis van Noach en zijn nakomelingen ['producten']. Noach was een rechtschapen man."
Waarom niet: "Hij was een rechtschapen man"? Waarom wordt de naam herhaald? Nogmaals: "Dit is de geschiedenis van Noach en zijn [producten]. Noach . . ." Antwoord: Noach was zijn eigen product! Niemand wordt rechtvaardig geboren, jouw rechtvaardigheid is het product van je eigen werken!
Negatieve interpratie verklaard
Waarom bestaat er een negatieve interpretatie van "in zijn generatie" (Gen. 6:9, zie hierboven in de samenvatting van En G-d sprak tot Noach en zijn zonen) terwijl de conext duidelijk positief is (een pluim voor Noach)? Daarom vraagt de negatieve interpretatie om rechtvaardiging.
Waarom heeft G-d dit vers niet ondubbelzinnig verwoord zodat deze verwarring voorkomen had kunnen worden? Antwoord: de dubbelzinnigheid is opzettelijk! Er zijn meerdere lessen te leren.
Hint 1
Gen. 6:9: "Noach wandelde met G-d." Wat betekent dat? Laten we zoeken in de tekst zelf.
Gen. 5:22: "En Henoch wandelde met G-d. . . Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd vijf en zestig jaren." Wat was het gemiddelde? 8, 900 jaar. Henoch leefde maar 365 jaar. Dat is niet zo positief. (De belangrijkste waarde in het jodendom is leven, en niet snel naar de hemel gaan.)
Gen. 5:24: "Henoch dan wandelde met G-d; en hij was niet meer; want G-d nam hem weg."
Waarom juist hier herhalen dat hij met G-d liep (vers 22)? Hint: lees het in de context. Antwoord: het is de reden van zijn dood! Is wandelen met G-d dan wel zo goed?
(Verklaring uit de mondelinge Thora: Henoch was rechtvaardig maar labiel. Zou hij langer geleefd hebben, tijdens de slechtere generaties, dan zou hij onrechtvaardig geworden zijn. Dit is rechtvaardig zijn maar met een zwakte. Noach was dus rechtvaardig maar met een zwakte. Vergelijk met Gen. 17:1: " Als nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen de Eeuwige aan Abram, en zeide tot hem: Ik ben G-d, de Almachtige! Wandel voor Mijn aangezicht, en zijt oprecht!" Wat is beter? Voor of met G-d wandelen? Alleen op basis van de tekst? Bij Abraham zien we dat voor G-d wandelen een mitswa is, bij Noach was het slechts een mededeling zonder dat we weten of G-d wel wilde dat Noach met hem zou lopen. Het kent zelfs een negatieve associatie met Henoch. Wandelen met G-d is uiteraard niet negatief, maar het is blijkbaar niet de beste optie.)
Hint 2
Gen. 7:1: "Toen zei de Eeuwige tegen Noach: ‘Ga de ark in, samen met je hele gezin, want ik heb gezien dat jij als enige van deze generatie rechtschapen bent.’"
Gen. 7:7: "Om aan het water te ontkomen ging Noach de ark in, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen."
Wat valt je op? Antwoord: "Om aan het water te ontkomen . . ." G-ds gebod was dus niet voldoende reden voor Noach om de ark in te gaan. Hij ging vanwege het water, niet vanwege het gebod.
Hint 3
Gen. 6:18: "Jij moet de ark in gaan, samen met je zonen, je vrouw en de vrouwen van je zonen." Vreemde volgorde. Antifeministisch?
Gen. 7:7: "Om aan het water te ontkomen ging Noach de ark in, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen." Dezelfde volgorde.
Gen. 8:15-16: "Toen zei G-d tegen Noach: ‘Ga de ark uit, samen met je vrouw, je zonen en de vrouwen van je zonen.’" Hé, andere volgorde!
Gen. 8:18: "Hierop ging Noach naar buiten, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen." Euh... weer de oude volgorde.
Wat betekent de volgorde uit Gen. 6:18? Dat mannen en vrouwen gescheiden de ark in moesten. Geen kinderen maken terwijl de wereld vergaat. Maar bij het naar buiten gaan (8:15-16) moesten mannen en vrouwen gemengd om de wereld weer te bevolken. Zie namelijk het vervolg op vers 16: "Laat ook alle dieren die bij je zijn naar buiten gaan: vogels, vee en alles wat op de aarde rondkruipt. Ze moeten weer vruchtbaar zijn en talrijk worden en de aarde bevolken."
Dus wat zegt vers 18? Antwoord: dat ze ongehoorzaam waren, dat ze geen kinderen wilden krijgen.
Hint 4
Gen. 9:20-21: "Noach was landbouwer en legde als eerste een wijngaard aan. Hij dronk van de wijn, werd dronken en ging in zijn tent liggen, zonder kleren aan."
Hint 5
Gen. 6:5: "Maak hem driehonderd el lang, vijftig el breed en dertig el hoog."
Dat is een behoorlijke kist! Dat duurde decennia lang. Waarom moest Noach een ark maken? De vloed was een wonder, dan kon Noach toch ook door een wonder gered worden? Ramban zegt zelfs: de ark was niet groot genoeg voor alle dieren. (Joden zeiden dat dus zelf al, lang voordat de biologen op dat idee kwamen!) Rasji verklaart: mensen zullen Noach een ark zien bouwen en vragen waarom. Noach zal zeggen: jullie doen slecht, daarom zal G-d de wereld vernietigen. Misschien zullen ze zich daardoor bekeren.
Wat impliceert deze uitleg van Rasji? Antwoord: dat Noach de mensen niet uit eigen initiatief zou waarschuwen.
Hint 6
Nadat G-d aan Noach laat weten de wereld te willen vernietigen, is het aan Noachs zijde oorverdovend stil, alsof hij dacht: "Mij best!" Vergelijk dit met Abrahams pleidooi voor Sodom!
Hint 7
Gen. 5:6-8: "Toen Set 105 jaar was, verwekte hij Enos. Na de geboorte van Enos leefde Set nog 807 jaar. Hij verwekte zonen en dochters. In totaal leefde hij 912 jaar. Daarna stierf hij." Dit is een vaste formule. Vergelijk met de volgende verzen: "Toen Enos 90 jaar was, verwekte hij Kenan. Na de geboorte van Kenan leefde Enos nog 815 jaar. Hij verwekte zonen en dochters. In totaal leefde hij 905 jaar. Daarna stierf hij." Enz., enz.
Gen. 11:12-13: "Toen Arpachsad 35 jaar was, verwekte hij Selach. Na de geboorte van Selach leefde Arpachsad nog 403 jaar. Hij verwekte zonen en dochters." Wat mist hier t.o.v. de formule in Gen. 5? Antwoord: "In totaal leefde hij x jaar. Daarna stierf hij." Gen. 5 is van voor de vloed, Gen. 11 daarna.
Verklaring: vrijwel ieders nakomelingen van voor de vloed zijn omgekomen in de vloed. Ze zijn afgesneden. "Daarna stierf hij", wil zeggen: hij leefde niet voort via zijn kinderen, maar is totaal verwijderd uit de wereldgeschiedenis, hij 'stierf'. Omdat er nooit meer een vloed zou komen, is deze samenvatting niet opgenomen in Gen. 11. (Om te zeggen dat "daarna stief hij" simpelweg betekent dat hij letterlijk stierf, is zeggen dat die woorden overbodig zijn, want dat iedereen dood ging, wisten we al: "Na de geboorte van x leefde y nog n jaar.")
Welke formule zou je bij Noach verwachten? Die van Gen. 5 of die van Gen. 11? Antwoord: Gen. 9:28-29: "Noach leefde na de zondvloed nog driehonderdvijftig jaar. In totaal leefde Noach negenhonderdvijftig jaar. Daarna stierf hij."
Waar kwam de nieuwe populatie vandaan? Niet van Noach, terwijl hij noch 350 jaar leefde. Iets sneedt Noach af. Noach is in essentie een 'pre-vloed' figuur. Hij hangt er nog even bij, maar heeft de vloed niet echt overleefd. Hij wordt dronken, kan niet meer functioneren, bouwen, creëren, krijgt geen kinderen.
Waarom werd Noach eigenlijk dronken? Waarom ging hij als eerste wijn maken?
1. Als hij uit de ark komt, beseft hij zich dat hij niet geprobeerd heeft de wereld te redden. Dit resulteert in een ondragelijk groot schuldgevoel.
2. Na WOII gingen joden terug naar Duitsland want zonder Duitse taal en cultuur konden ze niet leven. Verplaats je in Noach: alles was weg. Hij had geen connectie met de wereld van zijn kinderen ("daarna stierf hij", Gen. 9:29).
Vermenigvuldigt u! Nee dank u!
Gen. 8:21: "Hij zei bij zichzelf: . . . Nooit weer zal ik alles wat leeft doden, zoals ik nu heb gedaan."
Gen. 9:1: "Toen zegende G-d Noach en zijn zonen, hij zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en bevolk de aarde.’" Dit was een zegen: "Toen zegende G-d . . ."
Gen. 9:7: "Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de hele aarde." Dit is duidelijk een gebod.
Gen. 9:8: "En G-d zeide tot Noach en tot zijn zonen . . ." Wie was er dan in vers 1-7 dan aan het woord? Waarom een herhaling als dezelfde persoon aan het woord blijft?
Gen. 9:12: "En G-d zei . . ."
Gen. 9:17: "En G-d zei . . ."
En ten slotte: Gen. 9:19: "Met de drie zonen van Noach begon de verspreiding van de mensheid over de hele aarde."
Als er in de Tenach nogmaals staat: "En G-d zei", dan is dat een hele nieuwe toespraak. Dan heeft er tussen beide toespraken een onderbreking gezeten.
Eerste toespraak (1-7): zegen en gebod tot vermenigvuldiging.
Tweede toespraak (8-11): belofte nooit meer te vernietigen (zei hij eerst alleen bij zichzelf, Gen. 8:21). Waarom zegt G-d dit nu hardop? Denk aan de volgorde van de mannen en vrouwen die uit de ark kwamen. Antwoord: Noach en zijn zonen wilden geen kinderen nadat de nakomelingen van Adam vernietigd waren. Met hun kinderen kon hetzelfde gebeuren.
Derde toespraak (12-16): G-d geeft een teken (regenboog). Dit betekent dat de belofte op zich niet overtuigend genoeg was.
(Daarvoor geen regen en dus geen regenbogen? Mogelijke verklaring: het regende alleen 's nachts. De Talmoed zegt dat bij goed gedrag het op Israël zou regenen, alleen woensdag- en vrijdagnacht.)
Maar zelfs dit is niet overtuigend voor ze, daarom vers 17: "‘Dit,’ zei G-d tegen Noach, ‘is het teken van het verbond dat ik met alle levende wezens op aarde gesloten heb.’" Wat voegt vers 17 toe aan 12-16? Hint: let op het woord "dit" in beide verzen. Waar verwijst dat naar? Antwoord: in vers 17 ziet hij de regenboog pas. Hoe weten we dit? "Dit" in vers 17 is een verwijswoord dat niet naar de tekst zelf verwijst. In vers 12 verwijst het woord "dit" vooruit naar vers 13. "Dit" in vers 17 verwijst naar niets in de tekst, dus naar iets in de fysieke wereld.
De waarheid kennen niet altijd voldoende voor juist handelen
Wat leren we hiervan? Zelfs met directe profetie van G-d willen ze geen kinderen krijgen. Hadden ze intellectuele twijfels aan G-ds belofte? Hoe kan het zien van een regenboog dat dan wegnemen? Antwoord: een persoon kan iets zeker weten en toch psychologische weerstand ervaren. Die weerstand kan dan alleen doorbroken worden door een ervaring. (Verhalen tellen als halve ervaring, daarom kent het jodendom zoveel lessen in de vorm van verhalen.)
Vergelijk dit met Gen. 15:5: "Toen leidde Hij hem uit naar buiten, en zeide: Zie nu op naar den hemel, en tel de sterren, indien gij ze tellen kunt; en Hij zeide tot hem [dus een pauze]: zo zal uw zaad zijn!"
Een persoon kan zonder twijfel iets weten en er toch niet naar handelen. De waarheid leren is dus niet genoeg. Je moet haar met psychologische strategieën een onderdeel van je persoonlijkheid zien te maken.
