Enkele kernpunten uit Rambam’s commentaar op de Misjnah:
Het 8e principe: de Openbaring.De hele Torah kwam tot ons via Mozes van G’d via “spreken” (metaforisch)
Mozes schrijft op hetgeen G’d hem dicteerde.
Alle verzen, woorden, letters zijn van gelijke G’ddelijke oorsprong en niet zoals Manasseh beweerde: ‘Torah kent een kern en een omhulsel (geschiedenissen, anekdotes), waarbij laatstgenoemde van Mozes zelf komt op eigen initiatief en geen G’ddelijke waarde heeft’.
Ook de interpretaties van de traditionele wet is van G’ddelijke oorsprong: vb. Soekah, Loelav, Sjofar, Tsietsiet, Tefiliem. De voorschriften zijn toen en nu nog steeds identiek.
Lees b.v. Num.16:28.
Het 9e principe: de onveranderlijkheid van de Torah.Noch afschaffing van de Torah, noch toevoegen of verwijderen van iets van de schriftelijke EN mondelinge Torah is toegestaan.
Lees b.v Deut.13:1.
De Openbaring. (een uitwerking)
De Torah was er al voor de schepping:Voor de schepping van de wereld waren er alleen “letters” van zwart vuur op wit vuur. Binnen deze letters werd de heilige code bewaard van alles, dat er ooit zal zijn, de spirituele DNA volgorde van waaruit het universum geboren zou worden. Op Sinai vertrouwde G’d ons, het Joodse volk, die code toe en al 3000 jaar hebben we deze voorzichtig bewaakt. Omdat, toen G’d ons Zijn code gaf, Hij zichzelf gaf aan ons.
Sinai
De hemelen behoren toe aan G’d en de aarde gaf Hij aan de mens (Ps.115:16).
Op Sinai werd deze afbakening doorbroken, zoals er staat in Ex.19:20 “G’d daalde af op de berg Sinai…” en daarna staat er in Ex.24:1 “tot Mozes, zei Hij, ‘stijg op tot G’d…”.
(gedestilleerd uit midrasj Sjemot Rabbah 12:3)
Betekenis van Sinai
In Ex.6:2-3 staat het verschil tussen voor Sinai en erna beschreven. De 4 letterige Naam van G’d heeft de betekenis van ‘de eeuwigdurende G’d van betrouwbaarheid, die beloften, zelfs als ze over duizenden jaren uitstrekken, onveranderlijk vervuld’. Op die wijze werd dat niet begrepen voor Sinai. (Toen beloofde G’d zonder dat de mens de vervulling zag b.v. het beloofde land). Na de uittocht wordt G’d met deze Naam begrepen (de uittocht was beloofd en was werkelijkheid geworden).
(overgenomen uit het commentaar op Ex.6:2-3 van rabbi Dr.J.H.Hertz.)
De Torah kent vele G’dsnamen. Enkele voorbeelden:
Ellokiem : G’d als rechter. (ook menselijke rechters worden ellokiem genoemd.
El : Geen afkorting van Ellokiem. Als onderhouder van de wereld. Almachtige.
Shaddai : stopzetten. Beperken. G’d is oneindig en wereld is eindig. G’d heeft kracht om te geven, maar ook om te stoppen.
HAVAYA : Zijn. Van Haja = Eeuwige. De Eeuwige overstijgt tijd en ruimte en transedeert deze, maar manifesteerd zich tegelijk in de tijd en ruimte. HIJ is niet materieel te ervaren.
De authenticiteit van de Torah
In en van G’d
De Talmoed in Sjabbat 105a zegt:
Rabbi Yochanan zei: Anochi (het eerste woord “IK” van de 10 geboden/uitspraken) is een acroniem voor Ana Nashi Chetavit Yehavit d.i. “Ik gaf mezelf in geschrften”.
De Zohar zegt ook dat de Torah en G’d een geheel zijn.
Rol van Mozes
Rambam beschrjft in zijn misjnacommentaar dat de hele Torah door G’d aan Mozes werd gedicteerd en dat Mozes een betrouwbare boodschapper is.
Betrouwbaarheid:
Deze betrouwbaarheid wordt door o.a. r.Saadjah Gaon (882 of 892-942) in zijn boek “Emoenot veDe’ot” ook onderzocht:
Mensen zouden alleen aandacht schenken aan een opdracht of verbod van hun overheerser, als zij zelf zijn woorden horen met hun eigen oren en zien met hun eigen ogen, als er niet zoiets zou bestaan als een waar getuigenis.
Zonder een ware traditie kan een mens niet weten dat een bepaald bezit van zijn vader een erfenis is van zijn grootvader. Noch zou hij kunnen weten dat hij een zoon is van zijn moeder, laat staan een zoon van zijn vader.
Menselijke zaken zouden voortdurend betwijfeld moeten worden behalve datgene dat met de eigen zintuigen zou worden waargenomen.
De Torah verklaard dat betrouwbare traditie net zo waar is als datgene wat gezien wordt…
Er zijn wel 2 manieren om een betrouwbaar verslag/getuigenis te vervalsen:
1. Door onbegrip
2. Door moedwillige verdraaiing.
Echter beide kunnen alleen gebeuren en onopgemerkt blijven indien het om individuen gaat. In een grote collectieve groep kan dat niet.
Aan het hele volk:
De Kuzari, geschreven door r.Yehudah Halevi (1075-1141), benadrukt dat de openbaring plaatsvond op een moment aan een heel volk (2-3 miljoen) en niet langzaam aan is gegroeid, zoals rationele religies van menselijke oorsprong. Hieraan ging reeds een reeks van massale ervaringen vooraf : de 10 plagen binnen 1 jaar, de doortocht door de Rietzee, het dagelijkse manna behalve op Sjabbat gedurende 40 jaar.
Ondanks dat bleef er tot aan de Openbaring ruimte voor twijfel of het inderdaad wel G’d was die tot Mozes gesproken had. Daarom sprak G’d tot het hele volk gepaard gaande met overweldigende (fysieke) verschijnselen en iedereen heeft dit waargenomen en gehoord, zonder tussenkomst van een profeet of een ander persoon.
Oog- en oorgetuigen:
Rambam schrijft dan ook dat ze Mozes niet geloofden op grond van de wonderen en tekenen die hij deed, maar op grond van deze massale openbaring op Sinai en dat zij gezien en gehoord hebben en dat G’d zelf gesproken heeft, zowel aan ons als aan Mozes, toen hij G’d naderde in de duisternis.
Kort voor zijn dood schreef Mozes de hele Torah 13 keer op en gaf elke stam een exemplaar en plaatste er een in de ark. “Neem deze Torahrol en plaatst het aan de zijkant van de ark…”.(Deut.31:26)
Overdracht :
Nachmanides (1194-1270), de Ramban, noemt een mystieke traditie, waarin de letters van de Torah ook opgedeeld kunnen worden in de vorm van G’ddelijke namen. Daarom kan een Torah niet gebruikt worden als er een letter teveel of te weinig in staat, ondanks dat de betekenis niet veranderd is. Elke letter en ook zijn specifieke schrijfwijze (groter, kleiner, feitelijk onnodig letter) wordt geteld en is van belang.
De Torah was er reeds voor de schepping, met “letters” van zwart vuur op een achtergrond van wit vuur, zonder tussenruimten tussen woorden, zodat de tekst zowel gelezen kon worden als mystieke G’ddelijke namen als de manier zoals wij het lezen.
Rambam beschrijft in zijn commentaar op de misjnah uitgebreid hoe de overdracht van de Torah heeft plaatsgevonden naar het volk:
Elk gebod gaf G’d aan Mozes, onze leraar, met de verklaring. Zie ook bEroeviem 54b:
Mozes ging de tent binnen en eerst Aaron kwam binnen. Mozes vertelde elk gebod en de verklaring die hij van G’d gekregen had. Daarna ging Aaron rechts van Mozes zitten.
Daarna kwamen Elazar en Ithamar, Aaron’s zonen, binnen en Mozes vertelde hen elk geboden en de verklaring die hij van G’d gekregen had. Een ging links van Mozes zitten de ander rechts van Aaron.
Toen kwamen de 70 oudsten, Mozes leerde hen alles, zoals Aaron en zijn 2 zonen.
Daarna kwam het hele volk en Mozes plaatsten voor hen elk gebod en de uitleg.
Dus, Aaron hoorde elk gebod van Mozes 4x., de zonen 3x, de oudsten 2x, het volk 1x.
Mozes ging weg en Aaron leerde iedereen alles wat hij van Mozes gehoord had.
Aaron ging weg nadat dus zijn zonen alles 4x gehoord hadden: 3x van Mozes en 1x van Aaron.
De zonen vertelde iedereen alles wat zij geleerd hadden en gingen weg, nadat de oudsten het 4x gehoord hadden; 2x van Mozes en 1x van Aaron en 1x van de zonen.
De oudsten vertelde iedereen wat zij 4x gehoord hadden. Dus ook het hele volk had het 4x gehoord: 1x van Mozes, 1x van Aaron, 1x van zonen, 1x van oudsten.
Iedereen ging daarna met elkaar leren en schreven de geboden op. De leiders gingen langs en controleerde of iedereen hetzelfde had en verzekerden zich ervan dat iedereen het vloeiend kon lezen. Daarna leerde zij hen ook de bijbehorende uitleg.
Het gebod geeft G’d met alle details, bijzonderheden en hoe uit te voeren.
Bv. Lev.23:42 “Jullie zullen in soekot wonen 7 dagen”.
Namelijk dat het een plicht is voor mannen en niet voor vrouwen, ook zieke mensen en reizigers hebben geen plicht van de soekah.
Het dak alleen gemaakt van datgene wat groeit uit de aarde. Maar niet met gebruiksartikelen gemaakt van hout, linnen oid.
Eten, drinken en slapen in de soekah geldt voor 7 dagen.
De maten moeten minimaal 7x7 handbreedten zijn en minimaal 10 handbreedten hoog.
De mondelinge Torah:
Rambam schrijft dat Mozes elk gebod op Sinai kreeg inclusief de uitlegging. Hij verwijst naar Ex.24:12 “Ik zal je geven de stenen tafels, de Torah en de instructie/mitsvah, die ik heb geschreven om hen te leren”.
Torah is de geschreven Torah, de instructie de interpretatie d.i. de mondelinge leer.
In de Talmoed, bBerachot 5a zegt het iets uitgebreider bij deze tekst : De “stenen tafels” zijn de 10 woorden, “Torah” de geschreven Torah, “instructie” de misjnah, “die ik heb geschreven” de boeken van de profeten en de geschriften, en “om hen te leren” de Talmoed.
De midrash, Shemot/Ex.Rabbah 47:1 herhaald deze gedachte met een verwijzing naar Ex.20:1 “En G’d sprak al deze woorden…”, en zegt dat zelfs de vragen van de studenten van Torah aan hun leraar Mozes mondeling werd medegedeeld.
De midrasj legt Ex.21:1 “Dit zijn de regels (misjpatiem) die jij (Mozes) hen zal voorleggen” uit in naam van Rabbi Yisjmael : Misjpatiem zijn de 13 hermeneutische regels waarmee de Schrift wordt uitgelegd, welke Mozes waren gegeven op Sinai.
Doel mondelinge leer
Geschreven en mondelinge Torah zijn dus beide van G’d zelf afkomstig. Wat is dan het verschil ?
Menselijke participatie is essentieel voor het openbaren van G’ds boodschap IN DE WERELD.
Een probleem:
Een tijdloze, eeuwige boodschap in een begrensde wereld: hoe kan dat deel worden van ons alhier ?
Maar als het geheel in onze hand ligt, hoe blijft de G’ddelijke boodschap gewaarborgd ?
Daarom gaf G’d de Torah in 2 delen: een geschreven en een mondelinge.
De geschreven correspondeert met de hogere G’ddelijke dimensie van de Torah. De mondelinge Torah is een werktuig waardoor G’d ons, het Joodse volk, het mogelijk heeft gemaakt om de Torah te ontwikkelen en op het nivo te brengen zodat het deel wordt van ons: lichamelijk en geestelijk.
(samengevat van “from Sinai to Cyberspace” van Rabbi Berel Bell)
Gevolg:
“Zei Rabbi Yirmiyah: …sinds de Torah op de berg Sinai is gegeven, letten wij niet meer op een Hemelse Stem, omdat JIJ (G’d) geschreven hebt in JOUW Torah “Men moet de meerderheidsregel volgen (Ex.23:2)”
Talmoed : bBava Metzia 59b
Zie Deut/Devariem 30:11-14
‘Want dit gebod (oproep van G’d om al Zijn geboden, mitsvot, en wetten, choekot, in praktijk te brengen), dat ik je HEDEN (hajom, en elk moment is heden) voorschrijf is NIET iets bovennatuurlijks voor je en het is NIET iets dat ver verwijderd is. Het is NIET IN DE HEMEL, zodat je zou moeten zeggen:”Wie stijgt er voor ons naar de hemel, haalt het vor ons en laat het ons horen, zodat wij het kunnen doen:”. Ook is het niet aan de overkant van de zee, zodat je zou moeten zeggen:”Wie steekt er voor ons over naar de overkant van de zee, haalt het voor ons en laat het ons horen, zodat wij het kunnen doen”. Integendeel, VOLKOMEN BINNEN JE BEREIK is het gebod, zowel om het met je mond te belijden, als om het met overgave van je hart TE DOEN.
(Tussen haakjes en grote letters van mijzelf).
Afsluitende opmerkingen:
Het boek Devariem/Deut. is de toespraak/herhaling van Mozes net voor zijn dood. Lees Deut.1:3,5 (van Rosj Chodesj Sjevat – 7 Adar) Vlak voor zijn dood schreef hij 13 Torahrollen en gaf elke stam een en 1 aan de Levieten om op te bergen in de Aron. Lees.Deut.31:26
Feitelijk stierf Mozes niet maar nadat hij op de berg was geklommen op de 7e Adar, werd zijn ziel door G’d zelf genomen. (bSotah 13b).
De geboden die niet direct van Mozes gehoord zijn kunnen afgeleid worden dmv redeneren of via de 13 hermeneutische regels die Mozes ook ontvangen heeft van G’d op Sinai en die uiteindelijk zijn opgeschreven door Rabbi Ishmael in een beraitha (Sifra 1).
In de 2e lezing worden enkele alhier genoemde gedachten nog verder uitgewerkt.
@auteursrechten bij M.Kranendonk, Kislev 5769/Dec.’08
